Transitievergoeding

Tips bij de transitievergoeding

De term ontslagvergoeding verandert in transitievergoeding. Per 1 juli heeft de medewerker bij ontslag recht op een transitievergoeding wanneer:
• hij of zij minimaal 2 jaar in dienst is geweest en
• het contract op initiatief van de werkgever is beëindigd of niet wordt verlengd.

In ons artikel “Werk en zekerheid: De veranderingen per 1 juli 2015” benoemen we de transitievergoeding. We geven je hier nog een aantal tips die je als werkgever kunt toepassen.

Bereken vooraf de hoogte

Bereid je goed voor door voorafgaand aan het gesprek met de medewerker de transitievergoeding te berekenen. De hoogte van de transitievergoeding is ⅓ maandsalaris per dienstjaar voor de eerste 10 jaar, daarna ½ maandsalaris per dienstjaar. 50+‘ers krijgen altijd een heel maandsalaris per jaar over de jaren dat zij na hun 50e in dienst waren. De transitievergoeding mag maximaal € 75.000 bedragen, of een jaarsalaris bij een hoger inkomen dan € 75.000. De basis voor de berekening, het maandsalaris, bestaat uit het bruto loon inclusief emolumenten als vakantiegeld, eindejaarsuitkering en vaste en/of variabele looncomponenten. Zie voor meer informatie de website van de Rijksoverheid.

Kleine werkgevers betalen minder

Werkgevers tot 25 medewerkers hoeven de tijdelijk verhoogde transitievergoeding voor oudere werknemers (50+) niet te betalen. Daarnaast mogen deze werkgevers, als de onderbouwing van het ontslag een bedrijfseconomische redenen een slechte financiële positie is, de dienstjaren vóór 1 mei 2013 buiten beschouwing laten. Zie daarvoor voor de website van de Rijksoverheid.

Kosten aftrekken

Bepaalde uitgaven die je eerder hebt gedaan tijdens het dienstverband van de werknemer kun je aftrekken van de transitievergoeding. Dit zijn kosten voor het verbeteren van de inzetbaarheid en zoals cursussen en kosten voor maatregelen die werkloosheid voorkomen of de periode ervan verkorten. Afspraken met medewerkers over scholingskosten moet je wel vooraf schriftelijk hebben vastgelegd. Zie ook de scholingsverplichting die per 1 juli geldt.

Tijdig betalen

Je moet de transitievergoeding binnen een maand na afloop van de dienstbetrekking aan de ex-medewerker betalen. Anders ben je de wettelijke rente verschuldigd. In het geval van een geschil over de transitievergoeding kan de werknemer dit tot 3 maanden na afloop van de dienstbetrekking bij de kantonrechter indienen.